vrijdag 15 januari 2021

Thema badkamer bij juf. Alexandra

 Thema badkamer in de klas...


We spelen een lotto over de badkamer: 









Wie heeft er nog geen handdoek geverfd?

Verven maar:




We tekenen ook weer het kindje van de maand en allemaal vormen:

Lijnen, cirkels, kruisjes, vierhoeken en driehoeken.


En de juf vertelt leuke verhaaltjes:

In bad met Fien en Milo

Anna poets haar tanden

Kleine ezel gaat in bad


Op donderdag was er brandoefening! Wat hebben wij dat super flink gedaan!

Navertellen met prenten:




En vrijdag gaan we gezellig allemaal samen knutselen!

Verven, tekenen en stempelen:












woensdag 6 januari 2021

Badkamer (4-15 jan.)

Thema badkamer.





zeep. Shampoo.

Water halen met de emmer.
Koud of warm water?
De emmer is  leeg.
Als de emmer vol is, is die veel te zwaar!
De emmer is halfvol.
Water in het bad.
We gaan wassen met het washandje.

Is het water koud? warm? net goed?
Het washandje is kleddernat. Knijp het water er uit.



De pop doet pipi op de pot. bravo!



Afdrogen met de handdoek.



Bouwen met de lego.

We kijken op het plan en bouwen met de lego. 
We bouwen onze letter na!




                              Schrijfmotoriek :tekenen van lemniscaten.                                                                               Met scheerschuim tekenen 

links-en rechtsdraaiende bewegingen afwisselen, schuine lijnen tekenen en de figuurmiddenlijn kruisen






We tekenen ook onze letters. of rondjes. of een zon. of strepen.





Wat gebeurd er als je een drupje witte verf mengt met een drupje rode verf?..


Waar is rood? waar is wit? we hebben deze kleuren gemengd. Nu hebben we roze!





Vrij spel: de pop moet in bad.
De pop uitkleden. 


De handdoek en washandje hangen nog op de wasdraad.
Met de sproeier de pop nat maken.
Met de handdoek de pop afdrogen.
Een zachte borstel. De haren borstelen.

Deze poppen moeten opnieuw in bad.

Wassen met het washandje. Veel schuim.
Ik wil ook de haren wassen: shampoo op het washandje.




Zeep in de ogen? De oogjes moeten toe.
De sproeier werkt niet. De shampoo afspoelen met water.
Afdrogen met de handdoek.

                                       Tekenen in zand op de lichtbak.






Wat ga jij tekenen? Moet ik het raden?.....
 

euhhh..

                               ……..ik denk een.....kerstboom? Goed geraden!

                        3 koningen, 3 koningen, geef mij een nieuwe hoed.

Op de kalender staan 3 koningen afgebeeld. Je kan je verkleden als een koning. Wat heeft een koning op zijn hoofd? Een kroon. Dat kunnen wij knutselen.














De achterkant van de stickers los trekken. Dat is prutswerk. 
Wij kunnen dat wel (fijne motoriek)



We spelen een telspel. Ik heb nul. Jij ook?
Ik heb 3. Jij ook?
Ik heb 5. Jij ook?



                                                            Vrij spel met de klei.
                                   Amai, wat een dikke, lange worst heb jij gemaakt.
                                   Hoelang? Even meten met de meetlat. 30 cm lang.
Een figuur snijden in klei.                                                   Kleine stukjes klei knippen.

Bouwen met clicks.

Een brug bouwen met het treinspoor. Niet zo gemakkelijk.


De woordenschat van thema badkamer

hangen we op het bord.




                                     Tijdens het onthaal zoeken we onze naam. 

                                           Er bestaan grote letters en er bestaan kleine letters.

                                             Kijk eens naar de eerste letter van jouw naam.
                                                          Vind jij dezelfde letter ?


We poetsen onze tanden



Wat hebben we nodig? 
Tandenborstel, tandpasta, een beker , een handdoek, een kom.
Koud of warm water?


Hoeveel water wil jij in de beker? weinig of veel? 
Moet de beker vol water? oeps, dan knoeien we.
Halfvol is goed.

Hoeveel is halfvol?
De juf goed water in de beker, en jij moet op tijd STOP zeggen!
Anders is de beker TE vol.

We maken de tandenborstel nat in het water van de beker.


Wat moet op de tandenborstel? Deze of deze? Géén shampoo op de tandenborstel!
Wel tandpasta.

Een klein beetje . Niet heel veel tandpasta.















Poetslied (you tube. zie link boven) :
'Poets , poets, poets je tanden. Weet je hoe dat moet?
Poets, poets. Poets je tanden, altijd heel erg goed.






Poetslied: ' Eerst je linkerkant, dan de rechterkant, en de bovenkant, dan de onderkant
nu de binnenkant en de buitenkant.....'





Als de tanden goed gepoetst zijn , moet je spoelen en het water rustig spuwen in de kom.




Poetslied: 'poets, poets, een frisse adem. Als je zoenen moet...'

                                         KRULLENBOL: lemniscaat oefenen.








vrije keuze activiteit: warm en koud water stempelen.


We versieren een doos . Daar steken we al onze werkjes in.







Meester Erik komt binnen.

'Jij hebt lange benen, meester Erik!'


We kijken, vergelijken de benen: lang, kort, langste, kortste benen.











Kijk, de pot is helemaal VOL!


Tanden poetsen, gezicht wassen.

1 2 3 (giet-, maat- )bekers.

Zijn ze even groot?
We hebben water nodig.
Haal jij water? waar is de wasbak? Is het warm of koud water?
We gieten water in de waskom: giet een beetje koud water in de kom , giet veel water in de kom.






Je washandje is droog. Maak je washandje nat. kletsnat. 
Knijp er nu wat water uit.
Steek je hand in het washandje.
We wassen ons gezicht.
bbrrrr, lekker fris!







Droog je gezicht af met de handdoek.


Het gezicht is niet meer vuil.
Je gezicht is nu proper.

Zijn je tanden proper gepoetst?
Vul je beker met koud water.
Is een beetje water in je beker genoeg?
Neen, een beetje meer
Stop!
De beker halfvol water is genoeg.

 

                                       De tanden poetsen met het liedje 'poets poets je tanden,..'



Een badkamer.

We gaan even een kijkje nemen in een badkamer op school.
Alles benoemen: een bad, een kraan, de sproeier, koud of warm, een wasbak, zeep, shampoo,..


Er is ook een slaapkamer. 
Wat zie je op de slaapkamer? Heb jij thuis ook een slaapkamer?
Een bed, een nachtlampje.... .Ik heb ook thuis die lamp.


Meten.

Tijdens het handelen ,komen veel talige begrippen aan bod.
 weinig ,veel, veel teveel.
een beetje, halfvol, vol, leeg.
zwaar, licht.
gemakkelijk, moeilijk.

De juf geeft een opdracht. 
De kinderen voeren deze opdracht uit:
'Giet een beetje water in de kleinste beker.
'Giet de beker halfvol.
Giet de beker helemaal vol met water.
Oeps, teveel. Het water loopt over.'
.



Vaardigheid en beheersing zijn ook nodig als we zonder knoeien willen gieten.
Niet teveel water in de gietbeker doen: die wordt zwaar. Dan is het moeilijk om te gieten.

Doe de gietbeker halfvol water (aan de kraan). Dan kan je gemakkelijker gieten.
Best wel leuk; met water gieten in de potjes




Een chronologische volgorde leggen.


Samen in boekjes kijken en vertellen aan elkaar.

Vrij tekenen , vrij kleuren. Knippen met de speciale scharen. figuurtjes uitduwen (ponsen)



Wij hebben gebouwd. Maar we zijn nog niet klaar! En de bel heeft gegaan!
Dat is niet erg, morgen doe je verder.
Morgen is een nieuwe dag.


Krullenbol

Lied: Koud,koud,koud. Koude handen , koude oren
          Koud, koud,koud. mijn tenen zijn bevroren....'

                        We tekenen een muts.
We tekenen de gebogen lijn en de horizontale lijn rustig op maat van de muziek.
We oefenen start-stop-draaibeweging. We kruisen onze middellijn.

We leren een nieuwe letter: W.
Washandje, Water, Wassen,..
Wie wil de letter versieren? Wil je de letter (over-)schrijven?


Vrij knutselen.



















Onthaal

Welk weer is het vandaag? 
'Juf, buiten is sneeuw! op de auto. op de grond.'

Het heeft niet gesneeuwd. 
Het vriest. Het is heel erg koud. Dan komt er ijs op de auto. Of op de grond.

Vriest het ook in onze klas? Neen. Hier is het warm. 
Als het 0 (graden) is, dan vriest het. Je kan dat zien op de thermometer.
De thermometer: het is 20 (graden) in onze klas. Dat is veel. Dat is warm.

We plaatsten de thermometer buiten. Kijk , het blauw is niet meer 20.
Buiten is het minder dan 20. Kouder.

Begeleid spelen , kennismaken met materiaal uit de kast.
Uilenspel maken.

Elektro spelen.


Domino spelen of een kleurenspel maken (colorino)


Krullenbol

We tekenen kleine mutsen.
We geven aandacht aan een juiste zithouding en pengreep, een glijbeweging op de tafel.





We schilderen een handdoek.
Mooi binnen de lijnen geverfd. Dat is knap.







Is het spoelwater te vuil? Dan nemen we nieuw water.